Vraag
De Boodschapper van Allah ﷺ zei: ‘Ik heb niets te maken met iedere moslim die zich vestigt onder de mushrikien.’ (Overgeleverd door al-Tirmidhi, nr. 1604; Abu Dawood, nr. 2645. Geclassificeerd als hasan door al-Albaani. Zie ook Saheeh al-Jaami’, nr. 1461). Tegenwoordig zien we honderdduizenden moslims die zich vestigen onder de mushrikien. Sommige goede mensen zijn gegaan om daar islamitische instellingen op te zetten, met als doel in de eerste plaats de kinderen van de moslims te onderwijzen, en ook om mensen tot Allah te roepen. Als een leraar wordt gevraagd om daarheen te gaan en zich daar te vestigen om te onderwijzen en mensen tot Allah te roepen, is het dan toegestaan voor hem om hierop in te gaan?Antwoord
Zonder twijfel is het zich vestigen onder de mushrikien schadelijk, omdat men zichzelf blootstelt aan verleiding en kwaad. Maar als zijn vestiging daar meer goed zal brengen, zoals het oproepen tot de religie van Allah of het onderwijzen van de moslimkinderen in de correcte ‘Aqeedah, dan is daar niets mis mee, omdat het goede zwaarder weegt dan het kwaad dat mogelijk verwacht wordt.
De hadith: ‘Ik heb niets te maken met iedere moslim die zich vestigt onder de mushrikien’ kan geïnterpreteerd worden als betrekking hebbend op degenen die hun religie niet openlijk kunnen praktiseren op de plek waar zij zich vestigen. Degenen die wél in staat zijn hun religie openlijk te praktiseren, vallen dan niet onder deze hadith.
Maar het is beter om te zeggen dat als iemands vestiging daar meer voordeel oplevert voor de islam en de moslims, het dan toegestaan is.
Vertaling Informatie: dit artikel is vertaald met de meest nauwkeurige AI (GPT-5.2). Voor uiterste precisie en religieuze verificatie, refereer altijd naar de originele bron.
Bekijk origineel op IslamQA.info →